Thursday, February 16, 2006

Monday, February 13, 2006

Stadsbioloog

Zondagmiddag. Vanuit de trein zie ik al dat Amsterdam er grijs en nat bij ligt. Mijn zin om op de Dam te gaan filmen slinkt met de minuut. Echt aanlokkelijk is het niet om in de sneeuw op een winderig plein te gaan staan filmen. Ik besluit te bekijken of ik niet gewoon op het station kan filmen. Daar zijn ten slotte ook toeristen.
Na veel heen en weer geloop kan ik niet besluiten waar ik dan zal filmen, en wat? Er zijn mensen die wachten, de weg zoeken, verdwaald lijken, hard doorlopen, treuzelen, enz. Het is er heel druk. Ik overweeg mijn camera pal te zetten voor de steeds wisselende groep mensen bij het bord met vertrektijden. Durf ik dat? De afstand tussen de mensen en de plek waar ik mijn camera kan zetten is klein, overal lopen NS-mannetjes en vrouwtjes... Ik twijfel en stel uit: 'laat ik toch maar even op de Dam gaan kijken, ik ben er nou toch'. Misschien is die sneeuw niet zo koud als ie eruit ziet.

Zodra ik op de Dam ben weet ik weer waarom ik daar wou filmen. De toeristen zijn geweldig. Poserend of foto's makend, weer of (in dit geval) geen weer: hen ga ik filmen.
Bijkomstig voordeel lijkt me dat het niet opvalt wanneer je op de Dam aan het filmen bent. Hoewel ik de enige ben met een statief, verwacht ik niet dat iemand raar opkijkt of zich iets van mijn camera aantrekt. Hopelijk kan ik dus 'the tourist in it's natural habitat' filmen, zonder dat ik me verdekt hoef op te stellen.
Eigenlijk kun je overal het hele plein overzien. Ik kies voor een plek bijna midden op het plein, mijn gezicht naar het paleis.
Mensen lopen voorbij, maken foto's, poseren, filmen, lachen, bewonderen, haastten, bekijken een plattegrond, kussen, wachten, wandelen, fietsen, eten, voeren duiven. Ik vind het altijd heerlijk om mensen te bekijken, te observeren. Het sneeuwt nog steeds, maar ik merk het eigenlijk niet. Ik sta te observeren. Ik voel me net een stadsbioloog.
Wanneer ik mijn statief pak, merk ik pas dat ik doorweekt ben.
Een paar mensen kijken me gek aan, alsof ze verwachten dat ik van 'De Televisie' ben.
Zodra ik ga filmen merk ik gelijk het probleem: de Dam is te groot. Of mijn zoom te onkrachtig.
Het is maar hoe je het bekjiken wilt. Ik verplaats mijn camera nog wat, maar mensen houden afstand. Ik film verschillende mensen, maar concentreer me vooral op een man die op iets lijkt te wachten en een vrouw die zich vermaakt met de duiven. Allebei duidelijk toeristen.
Mijn filmen schijnt zo interessant te zijn dat mensen foto's van mij maken. Eén jongen filmt mij, dus besluit ik hem te filmen. Recht van voren filmen we elkaar.

In een café met uitzicht op de Dam bekijk ik mijn gefilmde materiaal. Ik wil nog meer filmen maar het wordt al donker buiten. Bovendien merk ik bij het bestellen van een kopje thee dat mijn stem er de brui aan heeft gegeven. Wanneer de cassière opmerkt dat het 'niet zulk mooi weer is om foto's te maken, hè?' kan ik niet anders dan krampachtig glimlachen. Ik stop, ga naar huis.
Vandaag overwoog ik terug te gaan, maar moet toegeven dat ik nu definitief ziek ben. Ik ga het doen met het materiaal dat ik heb. Toch is Amsterdam in de sneeuw is best mooi. Ik word er een beetje nostalgisch van, zoals in die reclame: 'Je bent er vogelvrij, omdat er alles kan, in elk mensenhart, daar vind je Amsterdaaaaam'...

Saturday, February 11, 2006

Observatie


Voor de observatieopdracht wil ik graag
gaan filmen op De Dam in Amsterdam.

Monday, February 06, 2006

Ritmisch geraas (audio-scenario)

Tak Tak Tak
Herrie, razen van auto's. Remmen. Optrekken. Muziek uit een open raampje. Soms wacht iedereen op niets, het ronken van ongeduldige motoren. Er komt een vrouw aangelopen, haar hakken tikken op de stoep. Ze duwt een kinderwagen. Het wieltje piept. Auto's trekken op naar rechts, naar links. Haar vinger drukt de knop in. Het licht tikt:
Wachten Wachten Wachten
Een vrouw op een fiets met aan haar stuur een zwaaiende plastic zak. Ze stopt ondhandig alsof ze geen rem heeft, schoenen op asfalt.
Wachten Wachten Wachten
Auto's trekken op, razen, remmen, draaien als was het een wedstrijd.
Ineens tikt het licht: 'lopenlopenlopenlopen!'. De vrouw loopt, de fiets fietst, de brommer bromt, het wieltje piept. Het licht lijkt even over te slaan: 'Snelsnel'. Het tikt oranje. Dan weer rood.
Tak Tak Tak
Bij alle overgangen gebeuren telkens opnieuw dezelfde dingen. Mensen op fietsen praten, iemand vraagt mij de weg. Mij? 'Vandaag is alles groen!', een jongen die niet te stoppen hoeft. Stoplichten tikken: rood, groen, oranje. Soms allemaal rood. Tak met echo's.
Taktaktaktak Taktaktaktak Taktaktaktak
Telkens verandert het ritme wanneer een licht groen wordt, groen tikt. Eén of twee, maar nooit allemaal tegelijk. Als muziek op het drukke kruispunt. Ritmisch. Voor de mensen die niet in de gaten hebben dat ze muzikanten zijn. Hun samenspel is bijna niet te verstaan, gaat tenonder in geraas. Geraas.

Hoe anders is het nachtelijke concert van de stoplichten. Volmaakt getikt in de stilte. Slechts een verdwaalde auto en de wind.
Tot steeds weer meer auto's razen en voetgangers weer muzikanten zijn. Ritmisch geraas.

Sunday, February 05, 2006

Zoiets

Ik wil eigenlijk iets doen met het ritme van het geluid in combinatie met de patronen van strepen, pijlen en haaientanden op het wegdek. Ik weet alleen niet of dat nou echt een spannend filmpje oplevert.
Mijn andere idee gaat over het wachten in combinatie met het geluid van de stoplichten.
Ik ben er nog niet helemaal uit, maar heb wel al veel materiaal (in de zin van geluid, film en foto's).

Carnaval





Hier zijn nog een paar foto's die ik vrijdag gemaakt heb bij CV D'n Doos. Dit zijn digitale foto's. Ik heb ook nieuwe foto's gemaakt met een wegwerpcamera, maar die moeten nog worden ontwikkeld.

Mijn locatie






Hier zie je foto's van mijn locatie. Het is een kruispunt hier in Breda. Iedere keer als ik er 's nachts langs kom valt mij het geluid van de stoplichten op. In de stille nacht onstaan er mooie ritmes op dit normaal drukke kruispunt. Ik dacht dan ook gelijk aan deze plek bij deze opdracht.
Ik heb op verschillende tijden overdag en 's nachts het kruispunt bezocht. Het enige dat echt verschilt is de hoeveelheid auto's die er langskomen. Ik ga er morgenochtend heel vroeg weer heen in de hoop dan geluidsopnamen te kunnen maken zonder auto's op de achtergrond.
Ik weet alleen niet hoe je geluid of film op je blogspot zet, maar daar zal ik nog proberen achter te komen...

Friday, February 03, 2006

The return of the real / grecegin geri donusu






Phil Collins - The return of the real / grecegin geri donusu - 2005




WAT?
Collins heeft voor dit werk exdeelnemers van reality tv programma’s die elkaar niet eerder ontmoet hebben, samengebracht. Zij vertellen over de verwachtingen die zij van hun deelname hadden en het effect dat het uiteindelijk op hun leven gehad heeft. Ze komen samen in hotel De Marmara en vertellen over hun ervaringen in een uitzending op de nationale televisie.
Als vervolg van dit project werden deelnemers diepgaand geinterviewd door een voormalig producent van een ‘make over’ programma. Dit audiovisuele werk heb ik gezien in het Nederlands Fotomuseum. Het bestaat uit twee grote geprojecteerde beelden, tegenover elkaar.
Op het ene beeld zie je een exdeelneemster van een realityprogramma, zittende voor een bluescreen. Op het andere beeld zie je de intervieuwer en opnameapperatuur. Je ziet bv. een schermpje van een camera waarop de geïnterviewde weer te zien is. Af en toe loopt hier iemand in beeld om naar iets te luisteren of iets te pakken o.i.d.
Wat je hoort is het gesprek tussen de intervieuwer en de geïnterviewde, in het Turks.
Het is in het engels ondertitelt.

WAAROM?
The return of the real gaat over reality-tv en toont ons de ‘echte’ mens achter de reality-tv deelnemer. Hij geeft de indivudu echte aandacht. Ook filmt hij de interviewer. Hij legt hiermee de sociale relatie tussen hen bloot. Je ziet hoe ze op elkaar reageren, hoe ze zich in het gesprek handhaven. Dit alles zou je bijna therapeutisch kunnen noemen voor de exdeelneemster, omdat ze zolang over haar ervaringen kan praten. Er is spanning in het gesprek over wat er vertelt of bekent of ontkent wordt. Dit alles samen geeft de spanning weer die iedereen heeft met het medium televiesie en reality-tv. Hoewel je er je bedenkingen bij hebt (Collins zelf is wantrouwig t.o.v. de camera en diens schijnbare objectiviteit), trekt het toch ook aan.

WAT IK VIND
Ik vind het een heel mooi werk. Sowiezo houd ik zelf van sociaal en maatschappelijk betrokken werk. Een project als dit spreekt mij dus wel aan. Ik heb ook besloten om dit werk te bespreken omdat ik zelf afgelopen periode iets gemaakt heb waar me dit aan deed denken. Dat was een filmpje met daarop allerlei mensen uit mijn omgeving die vertellen wat ze over mij vinden. Dat beeld is geprojecteerd op de muur en op de muur ertegenover is mijn geprojecteerde reactie te zien. De manier van presenteren is dus erg hetzelfde, evenals de aandacht die er gaat naar de gezichtsuitdrukkingen van de deelnemers. Ik bekijk de mensen die iets over mij zeggen op film, maar reageer alsof ze echt tegenover mij zitten. En die mensen zijn ook zo, ja, echt. Het is niet gespeeld, geen rol, ze zijn gewoon zichzelf. Best kwetsbaar ook.
Dat is ook waarom dit werk mij aanspreekt. Dat je zo mooi ziet hoe die mensen op elkaar reageren.
Je zou kunnen zeggen dat het werk eigenlijk vrij mager is, audiovisueel gezien. Er is eigenlijk niets toegevoegd aan de situatie zoals die toen was, het is een registratie van een gesprek. Maar het is ook helemaal niet nodig om er nog iets aan toe te voegen. Die mensen die samen praten, dat is het. Ik vind het echt heel mooi om die gezichtsuidrukkingen en alles te zien. Het geeft een heel puur beeld van hoe mensen zich (voor een camera) gedragen.
De presentatie vorm is wat dat betreft ook goed gekozen. Het is groot geprojeteerd waardoor je de gezichten heel duidelijk ziet. De projecties op twee muren tegenover elkaar vind ik ook goed. Je moet zo kiezen je op één van de twee beelden te focussen. Die vrouw zie je overigens in het beeld van de interviewer. Dan zijn ze dus wel samen. Ik merkte dat ik eigenlijk alleen lette op die man, totdat je zag dat hij heftig op iets reageerd, dan vliegen je ogen naar die vrouw. Ze stoort in het beeld dus niet en is ook veel kleiner in beeld.
Ik vond het wel prettig dat ik niet kon verstaan wat ze zeiden. Je hoort aan de intonatie wel of het over iets serieus gaat o.i.d., maar doordat het in het Turks is, leidt de tekst je niet af van het beeld. Aan die ondertiteling heb ik eigenlijk weinig aanacht besteed.Ik ben gewoon zelf echt geboeid ben door gezichtsuitdrukkingen, hoe de verhoudingen zich manifesteren en dergelijke. Het is dan al bijna overbodig om te horen wat ze zegt.
Ik benader dit werk overigens nu dan wel echt vanuit een 'beeldende kunst-hoek', natuurlijk. Als ik er vanuit AV iets over zou moeten zeggen is dat een stuk lastiger. Er zijn 2 beelden, elk met 1 camerastandpunt. De beelden zijn goed gekozen. Ze stralen objectiviteit uit, maar zijn heel veelzeggend en subjectief. Alleen al het feit dat de interviewer gefilmd wordt geeft dat aan.
Het geheel maakt dus een objectieve indruk terwijl het helemaal niet zo is. Dit geldt ook voor de presentatievorm. Dit brengt mooi naar voren waar het Collins om draait. Die spanning rond het medium televisie, hoe je daarmee de werkelijkheid kan vervormen en mensen kunt beïnvloeden.

ACHTERGROND INFO
Phil Collins (*1970, Engeland) behoort tot een generatie van kunstenaars die publiek, locatie en maatschappij centraal stellen in hun werk. Hij is instinctief wantrouwig tegenover de camera en de effecten waarop de camera jaagt. Toch is voor hem de camera eveneens een middel om relaties te tonen. Vaak draait het in Collins' werk rond een bijeenkomst van individuen. Collins beschouwt de mythe van de autonomie van de esthetische dimensie en de fantasie van de kunstenaar als een politiek statement. In zijn films, foto's, installaties en live evenementen combineert de kunstenaar documentaire traditie en elementen van de popcultuur, zoals popmuziek, tv en dans, om een directe en subtiel kritische band te scheppen met de deelnemers en het publiek. De interesse van Collins volgt een traject zoals dat van een journalist die steeds weer rondtrekt op zoek naar een primeur of dat ene unieke beeld. Maar daar houdt de vergelijking meteen op. De meeste journalisten tonen hun subjecten als universele types en zijn ervan overtuigd dat ze hun leven ten goede veranderen. Collins toont echter in de eerste plaats buitengewone trekken van individuen die niet te herleiden zijn tot een collectieve typologie. Terwijl documentaire films en foto's door het schijnbaar naadloze aspect van de reportage ons een illusie van werkelijkheid voorschotelen, beklemtoont Collins precies de beperkingen en ambiguïteit van deze media. In plaats van ons een zelfgenoegzame onpartijdigheid voor te goochelen, toont Collins dat de omgang met de camera een proces van wisselwerkingen veronderstelt en dat er tussen camera en subject een complexe verzameling relaties bestaat. Door de aandacht van de media verandert ook het leven van de geportretteerden. Daarnaast gaat de kunstenaar ook na welke mythische, maatschappelijke en therapeutische effecten de camera kan hebben. In zijn vroege video's werkte Collins vaak met mensen die hij toevallig ontmoet had. In veel van zijn recente werk is er echter een sterk performance element. Eens het concept voor het werk bedacht, plaats de kunstenaar vaak advertenties om medewerkers te vinden. Die filmt hij op een welhaast ceremoniële wijze. Door de aandacht af te leiden van de geo-politieke situatie van zijn subjecten, biedt Collins hen de kans om als individu een identiteit te verwerven en presenteert hij de kijker de mogelijkheid zich met het subject te identificeren – een dubbele fantasie. Wat Collins interesseert is in essentie de portretkunst, de conventies van het genre en de mogelijkheid om zijn subjecten te portretteren zonder hen te reduceren tot een representatie van een maatschappelijke, politieke of geografische achtergrond.
Bron: www.kunstbus.nl